De Russen of The Thunderbirds!

Iedereen heeft wel van die herinneringen die je een leven lang meegaan. Zo denk ik heel soms aan de televisieavondjes in huize Egberts in Krommenie in de jaren ’70 en ’80. Mijn moeder was verstokte VARA-aanhangster. Kwam niet aan de VARA, of je kwam aan haar. Zo was haar mening over bijvoorbeeld de TROS, laat ik zeggen, vrij ongenuanceerd. Terwijl de woordenbrij van Wibo van der Linden bij TROS-aktua (of schreef je toen TROS-actua?)  aan mij voorbij ging, kon mijn moeder het niet laten zo ongeveer eens per twee minuten iets hatelijks te zeggen over Wibo, de TROS of alles wat niet des VARA’s was. Zo was die tijd nu eenmaal.

 

Uit die tijd stamt ook mijn vermoeden dat vanuit de ruimte vrijwel elke handeling op de aardbol kan worden gevolgd. Vooral Russische satellieten bleven ons voortdurend bespieden bij alles wat wij deden. Althans, zo liet Wibo ons met bewijzen ondersteund menige avond blijken. Schandelijk was het! Op elke hoek van Moskou was een camera gemonteerd, om het volk in de gaten te houden en zonodig te corrigeren. En met een vaderlijke blik in zijn ogen sloot Wibo zijn programma weer af met een welgemeend ‘goedenavond’.

 

En dan nu ruim 30 jaar later. Osama Bin Laden is zelfs met de meest geavanceerde apparatuur nergens te vinden. De zwarte doos van het verongelukte vliegtuig kan, ondanks het uitzenden van signalen, niet eenvoudig worden getraceerd. Volgens mij moeten ze de Russen maar gaan inschakelen. Die konden al bijna 30 jaar geleden alles controleren. Toch? Of ‘the Thunderbirds’. Die hoorde elke noodoproep van de aarde in hun spaceship Thunderbird 5.

 

Dit roept gedachten in mij op. Zijn we bang gemaakt door Wibo? Was de bespiedende techniek niet zo ver als werd gesuggereerd? Zijn mensen anders gaan denken over het vrij zijn? Of word ik gewoon ouder en is mijn geheugen selectief?

Ach, al die gedachten zullen wel een beetje waar zijn.

Hulde aan Eberhardt!

Eindelijk doet een PvdA-er wat ie moet doen! Die oetlul van een Wilders van repliek dienen! Anna de Groot schreef hier onlangs een heel mooi stuk over in haar weblog. *)

 

De enige manier om het weerzinwekkend gebral van die Wilders te stoppen is nu gewoon er recht tegenin te gaan! Een brok demagogie mag wat mij betreft ook!

 

Ga zo door Eberhardt!

 

*)  Zie haar weblog (in linker kolom op deze site) van 15 juni

Was het maar een sprookje.

Lang geleden was er eens een klein landje met vrolijke mensen. Iedereen voelde zich prettig. En als iemand zich wat minder prettig voelde, dan werd die van harte geholpen. Ze werkten allemaal erg hard, en werden daardoor ook erg rijk. Niet rijk door alleen veel geld, maar ook rijk door veel geluk. Als iemand ziek werd, kreeg hij goede verzorging van dokters die tot de beste van de wereld behoorden. Van alles werd gedaan aan goed onderwijs. Kinderopvang, goede wegen, goed openbaar vervoer, wetten voor veilig werken,…. Je kon het zo gek niet bedenken of het was goed geregeld. En zo leefden zij jaren heel prettig in goede harmonie.

 

Maar er knaagde iets. Soms ging het ietsje minder goed. Dan werd bijvoorbeeld het brood een beetje duurder. Of dan werd de buurvrouw bruut beroofd door een onverlaat. Dan was iedereen verdrietig. En ook soms heel boos! En iedereen begon een beetje te klagen. De mensen in het kleine rijke landje voelden zich opeens niet echt vrolijk meer. De Koning van dat kleine landje schonk daar niet zo veel aandacht aan. Immers hij wist niet beter, dan dat iedere onderdaan wel besefte dat ze in een rijk landje leefde. In heel veel landen op deze wereld was het toch veel slechter.

 

Nu was er ook een nar. Die voelde feilloos aan dat de mensen minder vrolijk werden. Deze nar hield niet van de Koning. De Koning had hem jaren geleden ontslagen, omdat de Koning hem gewoon niet leuk vond. En om een nar moet je toch kunnen lachen, niet waar? De nar ging niet nadenken dat hij misschien inderdaad niet echt leuk was, maar hij ging de Koning bij iedereen in het kleine landje zwart maken. Hij ging hele boze verhalen vertellen over de Koning. “De Koning luistert niet naar jullie!” schreeuwde hij op het marktplein.
Veel mensen bleven staan bij de nar op het marktplein. Ze luisterden. Hij was wel duidelijk. Ze begrepen hem. De Koning was altijd zo moeilijk te volgen. Goed, de Koning was wel een wijs man, maar toch…..  De nar vertelde ook leugens. Grote leugens. Maar hij vertelde die met zo’n overtuigingskracht, dat iedereen hem begon te geloven. De nar ging alle problemen oplossen. Als ze maar op hem gingen stemmen! “Geloof in mij! Ik ga uw problemen allemaal oplossen!”

De mensen begonnen in de nar te geloven. Ze werden blind voor de goede dingen die de Koning al die jaren heeft gedaan. Hele kleine vervelende gebeurtenissen werden opgeblazen als vreselijke rampen. Mensen werden bang! De Koning zag dat allemaal gebeuren. Hij sprak de mensen toe via de televisie. “Er gebeuren vreselijke dingen. Maar gelukkig niet vaak. Laten we daarom niet zo verdrietig en boos worden.” De mensen werden nu nog bozer op de Koning. “Wat denkt hij wel? Hij heeft makkelijk praten daar in dat paleis van hem!” riepen de mensen.

 

Voor het paleis van de Koning begonnen mensen te protesteren. Ze waren boos op de Koning. “Wij willen de nar!” riepen ze heel hard. De nar zag dit allemaal aan. Hij bespeelde de massa mensen als de beste. Met een brede glimlach op zijn mond zag hij hoe de Koning het moeilijk kreeg.

De Koning kon niets anders doen dan weggaan. Verdrietig verliet hij het paleis. De nar werd de nieuwe bewoner van het paleis. Iedereen juichte! Plotseling was iedereen weer heel blij. Vanaf nu zou het weer beter gaan in het kleine rijke landje.

 

Maar de mensen kregen na een paar weken een beetje spijt. De nar bakte er niets van. De prijzen van de broden bleven maar stijgen. Het werd zelfs erger: het brood werd schaars. Omdat het meel voor het brood uit een ander land kwam. En dat land moest niets hebben van die vreemde nar. Mensen werden steeds minder vriendelijk voor elkaar. De criminaliteit nam toe. De nar was zo blij met zijn grote overwinning op de Koning, dat hij ook blind werd voor de ontevredenheid.

 

De mensen zeiden tegen elkaar: “Eigenlijk was de Koning zo gek nog niet.” Door de nar werden de mensen nog meer ontevreden. Het rijke landje kraakte in al haar voegen. Problemen bleken niet zo makkelijk opgelost te kunnen worden. Dat had de nar de mensen wel beloofd!  “U zei toch dat u al onze problemen zou oplossen?” riepen de mensen naar de nar. “Geef ons de Koning terug!” begon iemand te schreeuwen. Daar schrok de nar van. Hij verbood de televisie dit uit te zenden. De mensen werden nog bozer op de nar. En na een jaar kon de Koning weer terugkeren in zijn paleis. De nar werd snel vergeten.

 

En ze leefden nog lang en gelukkig, totdat de Koning zijn kok ontsloeg omdat hij niet lekker kookte. Die kok ging de Koning bij iedereen zwart maken……

Stem gewoon PvdA!

Net als vele Nederlanders heb ik ook zo’n mijn vragen bij het Europees Parlement. Bemoeizucht, de kosten, de macht van de landbouwlobby,.. noem maar op.

Het is moeilijk om met enige passie iets te roepen over het Europees bestuur.

Morgen mogen we dan stemmen. Voor iets van 25 zetels van de ruim 700 mogen we voor de komende vijf jaar de gebruikers van aanwijzen.

 

Ik zapte niet weg als de verkiezingen ter sprake kwam. Nu is mijn beeld natuurlijk gekleurd, maar ik ben erg blij met Thijs Berman! Bij het referendum voor het kiezen van de lijsttrekker heb ik ook op hem gestemd. Een geweldige man! Heel misschien ga ik Emine Bozkurt stemmen. Een stadsgenote! Dat beslis ik wel met het rode potlood in de hand.
Maar in ieder geval stem ik morgen PvdA! Zouden meer mensen moeten doen.

 

Filmpje: http://www.pvda.nl/renderer.do/menuId/200018118/clearState/true/sf/

Schandááálig!

Jaren geleden werd menig bushalte opgesierd met de kreet: “God hoort u. Vloek niet!” Een lolbroek met inzicht krabbelde daar ooit één letter bij, waardoor te lezen stond: “God hoort uw Vloek niet!”

 

Een beetje letten op het taalgebruik is er nauwelijks meer bij. Kwetsende woorden worden te pas en te onpas de rondte in geslingerd. Ook de zo keurige ChristenUnie, die ons dus placht te wijzen op het verderfelijke vloeken, hoor ik op Zaanradio over dat voorstellen van het college ‘bizar’ zijn en ‘schandalig’.

Vanuit een bankje in ons nationaal parlement wordt tegen een minister geschreeuwd dat hij een ‘flapdrol’ is. De ander is ‘knettergek’. Een Zaanse wethouder werd gisteren volkomen ten onrechte zwaar in zijn integriteit aangevallen. Een vertegenwoordiger van een wijkoverleg noemt het college een ‘georganiseerde boevenbende’.  

Het mag allemaal blijkbaar.

 

Mark Rutte wil blijkbaar nog verder. Alles moet kunnen worden gezegd. Alles! Nu pleit ik niet voor verboden op bovenstaande uitingen, beslist niet. Maar als Rutte zich nu eens zou inzetten voor een verhoging van het niveau van het gemiddelde debat in dit land. Dat is natuurlijk wat moeilijker te verkopen dan zo’n gemakkelijke roep om ‘alles maar te kunnen zeggen’. Wat dat betreft gun ik hem van harte die goede vraag van de journalist: dus we mogen ook de Holocaust ontkennen?

Wat een Oerlemans!

Wat heb ik mij kapot zitten ergeren gisteren bij de verkiezingsspecial van Pauw en Witteman. Aldaar waren de lijsttrekkers voor het Europees parlement in debat. Nou ja, debat? Wat een oorverdovend gekakel en gekrakeel!

 

Een Wim van de Camp die zo heel erg niet leuk met een speelgoed sirene een andere spreker onderbrak. Een PVV-er die zo dommig en kortzichtig sprak dat het bijna opviel. Irritant publiek dat met blauwe bordjes achter elke spreker opriep om vooral VVD te stemmen. Maar de topper van die avond, in negatieve zin dan, was toch wel Natasja Oerlemans. Zij is van de Partij voor de Dieren. Wat dreef die vrouw door. Totaal afgesloten voor wat een ander zei, ratelde ze maar door. Ze onderbrak iedereen die ook maar het durfde iets tegen te werpen. Ongelooflijk! Wat een vertoning.

 

Een regelrechte wanvertoning was het! Ik heb het al vreselijk moeilijk om überhaupt mezelf enthousiast te maken voor de komende verkiezingen van 4 juni. Dit soort gewauwel en ‘kijk ons eens leuk zijn’ gedoe komt bij mij in ieder geval niet positief over. Natasja Oerlemans, ga alsjeblieft zielige muggen van de krantenmep redden, maar stop met het openbaar debatteren. Want dat kunt u niet!

Ellende!

Het was een tijdje stil hier. Maar er is ook zoveel ellende op de wereld, dat je daar bijna stil van wordt.

 

Een zwaar gefrustreerde waanzinnige die zes onschuldige mensen de dood in jaagt. Dan een bruiloftsfeest in Turkije waar 44 mensen genadeloos worden afgeslacht omdat er een ‘familiekwestie’ speelde. Een bevrijdingsfeest in Rotterdam waarbij agenten in het nauw gedreven in de lucht moeten schieten, om relvoerend tuig (ja, dat is het!) van zich af te houden. Dan nog de prangende vraag of de Mexicaanse Griep gevaarlijk om zich heen gaat slaan. En Ton Lutz is dood.  

 

Erg? Ja, maar het kan allemaal erger! Het is sinds 1 mei verboden om op tijdens het rijden op een scootmobiel te telefoneren. Er is ook een ware ruzie ontstaan tussen de veteranen. De één voelt zich een echtere veteraan dan de ander! Het Europees parlement gaat het deze week hebben over de zwangersschapsverloven, want er is toch nog iets gevonden dat nog even moet worden dichtgeregeld. Chrysler en Opel worden, het is niet te geloven maar waar, Fiat! De vertrouwde blauwe envelop gaat verdwijnen. Echt héél erg is dat er een nieuwe Star Trek film verschijnt. Sneu is het natuurlijk voor Berlusconi dat zijn vrouw genoeg van hem heeft. En Ajax moet nu gaan vechten voor een derde plaats! Triest.
Er is echter één drama dat alle genoemde ellende overstijgt. Het schijnt, zo is vernomen uit zeer betrouwbare bronnen in Moskou, het schijnt…… ze zeggen….. het is niet zeker hè……. Maar het schijnt dat De Toppers geen schijn van kans maken op het Eurovisie Songfestival!

Zorg? Mij een zorg!

Veel politici die geen bestuurlijke verantwoordelijkheid dragen hanteren het ‘zorg-trucje’. Heel eenvoudig, en succes is verzekerd!

Je spreekt gewoon ergens je zorg over uit, en je bent gevrijwaard van het zoeken naar een oplossing. Een bus stort het ravijn in. Je krijgt een microfoon onder je neus en je babbelt iets over hoe erg je het vindt. Dan spreek je je zorg uit over de veiligheid van touringcars. Als vervolgens de bestuurlijk verantwoordelijke politici dan maatregelen treffen als aanscherpingen van wetten, dan spreekt ‘men’ wederom de zorg uit over de regeldruk.

In de lokale politiek wordt het zorg-trucje zeer regelmatig toegepast. Bij het begin van de economische crisis sprak menigeen hun zorg uit over de toekomst. En daarmee zit de taak er weer op.

Ik word inmiddels een beetje moe van dat zorggebabbel. Zorg heb je voor je kinderen. Als je je als politicus ergens zorgen over maakt, moet je met concrete en uitvoerbare maatregelen komen. Je zorg ergens over uitspreken en vervolgens de oplossingen over laten aan anderen is wel heel goedkoop.

Alle problemen zijn gisteren opgelost!

Lubbers heeft ooit gezegd dat hij zou aftreden als het aantal werklozen boven het miljoen zou stijgen. Toen het aantal richting de 700.000 ging, veranderde hij gewoon de definitie van werkloosheid. Een werkloze heeft een sollicitatieplicht. Als je ouder bent dan 57,5 jaar, verviel die plicht. En dus werden die mensen niet meer meegeteld. Dat was Lubbers op zijn best! Heerlijk vind ik dit soort vondsten!

 

Minder vrolijk werd ik gisteren van een oeverloze discussie over het woord ‘allochtoon’. Nou, minder vrolijk, zeg maar zwaar geïrriteerd. Volgens GroenLinks en de SP heeft het woord allochtoon een negatieve bijklank gekregen. En dus moeten we het woord maar niet meer gebruiken. ‘Nieuwe Nederlander’ is een betere term. Hoe verzin je het! Bij mij wekt het de associatie op van haringen.

Twee moties, half uur gebabbel, misplaatste correctheid en een jaren ’70 sfeertje. De oranje lampenkappen en bruin behang ontbraken nog net.

 

Een samenleving maak je met elkaar. En elk mens is verschillend. De ene is jong, de ander oud. De ene is wat slimmer dan de ander. De ene is wat socialer ingesteld dan de ander. De een werkt graag met z’n handen, de ander ambieert een kantoorbaan. Hij is wat chagrijniger terwijl zijn buurman vrolijk in het leven staat. De een denkt er zo over, de ander zus. Dat alles brengt de dynamiek in het leven! Houden zo!

Dat zal altijd problemen opleveren. De klachten van ouderen over de jongeren is van elke tijd.  En om problemen te duiden, is het handig om groepen te benoemen. Dat doen we dus met jongeren, ouderen, kantoorwerkenden, bouwvakkers, Zaankanters, Amsterdammers, … noem maar op. En zo is soms een onderscheid nodig op basis van etnische achtergrond. Dan wordt onderscheid positief gebracht, dan weer negatief. Zo gaat het voor elke groep. Dat zal altijd zo blijven.

 

Door te denken dat je met het woord te verbieden het probleem oplost, zet je jezelf behoorlijk te kijk. Weet je wat? We noemen het geen ‘hangjongeren’ meer! Wat denk je van ‘dolend jong’. Voila! Zaanstad heeft geen hangjongeren! En drugsverslaafden in Amsterdam? Nou, gewoon het geen drugsverslaafden meer noemen! Eh, spuitbehoefigden? En financiële tekorten heeft Zaanstad ook niet meer, want dat gaan we ook anders noemen: geldelijke uitdagingen! Die hebben we wel.

 

 

Nog even de vroege vogels…

arkDeze column sprak Maarten ‘t Hart uit in dezelfde uitzending van ‘vroege vogels’.  Ik ben het zo vreselijk met hem eens… heerlijk!

(Geleend van de website die staat vermeld onderaan mijn vorig stukje.)

 

In 1992 kreeg aannemer Johan Huibers te Broek op Langendijk een visioen. Hij moest de ark van Noach nabouwen. Inmiddels heeft hij een replica van de Ark gereed, half zo groot als de Ark uit de Bijbel. Met het schip vaart hij door Nederland. Het heeft al in Amsterdam gelegen en is onlangs van Amsterdam naar Drachten gevaren.

Huibers wil met die Ark ons erop wijzen dat indertijd zo’n reddingsboot heeft gevaren met alle ons nu bekende dieren daarin aan boord,  zoals ik hem  bij Pauw en Witteman heb horen zeggen. Dit is een even interessante als gewaagde veronderstelling. Er zijn thans tien miljoen diersoorten. Al wat in zee leeft, hoeft niet door zo’n Ark gered te worden, dus je houdt vijf miljoen diersoorten over.

Van elk rein diersoort nam Noach zeven paartjes mee en van de onreine één paartje. Hoeveel reine diersoorten er zijn is vanuit de Bijbel niet te bepalen, maar zelfs als we van elke diersoort één paartje in de Ark onderbrengen, betekent dat dat er twee maal vijf miljoen, is tien miljoen dieren in de Ark zaten. Gegeven de bijbelse afmetingen van die Ark is dat totaal uitgesloten. Die Ark zou dan ongeveer vijftigduizend keer zo groot hebben moeten zijn.

Maar goed, laten we ons eens even voorstellen dat je ruim vijf miljoen paartjes inlaadt in zo’n Ark. Stel dat je per paartje één minuut nodig hebt om ze aan boord te krijgen. Op een dag laad je dan in zestien uur, in het donker kun je uiteraard moeilijk laden, krap duizend paartjes in.

Wil je vijf miljoen paartjes laden, dan ben je daar, zon- en feestdagen niet meegerekend, zestien jaar mee bezig. Misschien zegt Huibers: Noach kon zo’n paartje in een halve minuut laden. Akkoord, dan ben je acht jaar aan het laden. Hij laadde een paartje in een kwart minuut zegt Huibers. Mij best, we gaan ervan uit dat Noach vier jaar geladen heeft, hoewel ik vijftien seconden per paartje krap bemeten vind, zeker bijvoorbeeld bij de walrus.

Maar als Noach vier jaar laadde, doemt toch een eigenaardig logistiek probleem op. De meeste diersoorten leven veel korter dan vier jaar, de ééndagsvlieg zelfs maar een dag. Dus laad je vier jaar, dan is van al wat je reeds hebt ingeladen 80% dood. Alle ratten, alle muizen, alle muggen, alle kleine vogelsoorten en nog zo’n honderdduizend andere soorten.

Dan nog iets: Johan Huibers zei bij Pauw en Witteman dat in die Ark elk dier heeft gezeten, wat wij nu nog kennen. Als dat waar is, zijn dus ook de schaamluis, de hoofdluis, het platje, de lintworm en de spoelworm ingeladen. Organismen die niet vrij bestaan, maar in of op een ander organisme leven. Noach en zijn vrouw en zijn drie zoons en drie schoondochters zaten dus onder de schaamluizen, de platjes en de lintwurmen. Sterker nog, er zijn ongeveer tweehonderd specifiek op de mens parasiterende organismen. Die zaten dus ook allemaal in de Ark. Op of in Noach en zijn familieleden.

Ja, ho, maar als jij zo’n tweehonderd parasieten mee moet nemen met acht mensen, heb je per mens vijfentwintig parasieten op je lijf of erin. Ze zijn niet allemaal gevaarlijk, maar de meeste wel en als je vijfentwintig parasieten herbergt, dan word je binnen de kortste keren doodziek.

Nee, Johan Huibers, die Ark van Noach, dat is volstrekte onzin. Toer je daarmee rond, dan maak je jezelf grenzeloos belachelijk. Dan bewijs je dat je nog nooit, ook maar één seconde hebt nagedacht over de logistieke problemen die zo’n  opmerkelijke operatie met zich mee brengt.

Nu lijkt me deze overigens buitengewone aimabele Huibers niet iemand die ooit ergens over heeft nagedacht. Eigenlijk is hij te dom om een mens  genoemd te worden, maar misschien nog net te slim om een chimpansee genoemd te kunnen zijn, want ja, hij praat wel.

Wat is Johan Huibers dus? Hij is de missing link tussen mens en chimpansee, waar we al zo lang naar op zoek zijn. Met zijn tocht bewijst hij Darwins evolutie-theorie.